Brommerjeugd – deel 4 – Crossen in de bossen

PICT0096

Paul Ryckaert graaft terug diep in het verleden en haalt herinneringen op aan gemotoriseerde Waarschotenaren.  

DKW Hobby(1)

Zo zag Pastoor Seghers zijn scooter er uit maar dan in lichtgrijs.

Pastoor Seghers heeft in Waarschoot lang rondgereden met een scooter. Het was een DKW Hobby en voor onderhoud en nazicht kwam hij er al eens mee bij ons vader. Toen hij werd overgeplaatst had hij de scooter blijkbaar niet meer nodig en kwam hij hem afzetten ten huize Ryckaert. Het was een speciaal iets. Het had geen versnellingen maar het was automatisch met een Vario-systeem zoals later ook in de Daf auto’s werd ingebouwd. Je moest hem in gang trekken met een koord gelijk een grasmachine en op het stuur was een hendeltje. Als je dat ingetrokken hield bleef de scooter ter plaatse. Als je het hendeltje loste was je vertrokken. Zo simpel was het. Nadat de scooter bij ons een tijdje stof gevangen had besloot ons vader om er een crossmoto van te maken. Al het blik werd verwijderd en er werd een buis gelast – deze keer niet met de naftelamp, want ons vader had toen een elektrische laspost gekocht –  van onder het stuur tot achter de motor. Daarop kwam de benzinetank en een klein rechthoekig zadel. Vooraan kwam er dan het nr. 35 op. Dat was het nummer van Joël Robert, mijn favoriet op crossgebied. Het werd uiteindelijk een verschrikkelijk lelijk ding, dat met een echte crossmoto niks gemeen had, maar we hebben er veel en lang plezier aan beleefd. Op de Bovenmeers was er toen een klein crossparcours, waar menige jongeling, vaders brommer naar de Fillestijnen heeft geholpen. Ik herinner mij nog dat Danny Bulcke (zoon van de brandweercommandant) er rondreed met een soort vrouwenbrommer. Toen hij over een aangelegd hoopje aarde reed, trok hij het voorwiel omhoog. Op dat moment viel het voorwiel uit de vork, plantten de twee vorkbenen zich in de aarde en werd Danny weggecatapulteerd. Zijn grijze stofjas fladderend in de wind om tenslotte lang uitgerekt met zijn gezicht in de modder te landen. Marc Meiresonne was daar met een Victoria. Hij vroeg zich af waar het vijsje moest voor dienen onderaan het carter van de motor. We zullen het rap weten, sprak hij en schroefde het vijsje los. Met een flinke straal kwam de motor uit het open gat gespoten en Marc zat er op te kijken roepend: “ oelie, oelie, oelie “. Einde van de cross voor hem en te voet naar huis om nieuwe olie bij te vullen.

Denis_Wulfranck

Met Denis Wulfrank en zijn Flandria Special van Noël Van Kerrebroeck.

Ik had daar toen ook al enkele rondjes gedraaid, toen Paul Bonamie (zoon van meester Peujken) mij vroeg of hij ook eens mocht rijden. Aangezien hij geen rijervaring had zag hij de eenvoudige bediening van ons tuig wel zitten. Geen probleem voor mij en dus vertrok hij. Maar ons tuig haalde snel de 70 km/u en Paul had de bocht volledig verkeerd ingeschat. Hij vloog rechtdoor op een stuk land dat juist gebeerd was. Toen hij terug kwam zat ons tuig onder de modder, maar eigenlijk was het meer stront dan wat anders. Wij zijn dan maar naar huis gegaan ( dat moest altijd te voet omdat wij geen nummerbord of verzekering hadden ) en ons tuig is zeker drie weken buiten onder een afdak blijven staan tot de grootste stank wat verdwenen was. Toen werd er een Sachs Union brommer bij ons afgezet door de man van ons nicht. Dat was de broer van Fernand Goyvaerts, een Belgische voetballer die nog bij Real Madrid heeft gespeeld. Aangezien er bij mij alleen sporten met een motor belangrijk waren had ik daar geen interesse in maar des te meer in de brommer. Deze werd omgebouwd tot crossbrommer en om een mooi zwart zadel te hebben had ik het overtrokken met zwarte plastiek die gebruikt werd in de aardbeienteelt. Ons crossterrein werd na, klachten van de buurt, van de Bovenmeers overgeplaatst achter de fabriek Textilia. We reden dan door de boerenwegel die uitkwam aan het hof van Gaston Claeys. Net voor dat hof had je een andere wegel die over de spoorweg, zijn weg vervolgde tot aan de fabriek op de Oostmoer. Die wegel werd altijd gebruikt op de motocross van 1 mei in Waarschoot, waar Gilbert de Rijcke en Martens menig duel uitvochten. Op dat terrein kwam ook  Denis Wulfrank crossen. Hij had toen een omgebouwde Flandria 5 pk die geprepareerd was door Noel Van Kerrebroeck uit Knesselare, een specialist op dat vlak. Hij bouwde speciale expansie-uitlaten en wij noemden dat: “ de décharges van Noël “.

Ook Michel Solomé verscheen daar ten tonele. Met een omgebouwde moto Guzzi. Zo één met een rood vliegwiel met verchroomde rand. Het leek een beetje op de Berkel vleessnijmachine van slager Nuytinck uit de Schoolstraat. Toen Michel in de wegel eens ten val kwam verloor hij zijn voorwiel. We zagen het hotsend en botsend tussen de bomen verdwijnen. Uren hebben we er naar gezocht maar het nooit teruggevonden. Vermoedelijk was het in een grote plas water terechtgekomen en die was te diep om daarin te gaan zoeken. We hebben de moto dan met drie man moeten opheffen om hem zo naar huis te slepen. In putje winter was ik eens met Pastoor Seghers zijn cross scooter aan het rijden in de wegel en plots viel de motor uit. Ik viel stil met links en rechts van mij diepe tractorsporen vol water dat ijs was geworden. Toen ik mijn voet op het ijs zette schoof hij weg en tuimelde ik zijwaarts in een gracht. Het ijs was niet dik genoeg om mij en de scooter te dragen en ik lag daar moederziel alleen te spartelen in  het ijskoud water met dat crosstuig bovenop mij. Ik ben er na lang spartelen toch onderuit geraakt en dan moest ik nog zo ver te voet naar huis. Zeikend nat en rillend van de kou was de weg terug erg lang. Hoe ik toen het Fleurus niet heb opgedaan is mij een raadsel, maar ik ben ’s winters nooit meer gaan crossen.

PICT0107

Met de Flandria wheeliën

Broer Jan Ryckaert is dan later aan een Flandria 5pk geraakt. Die hebben we ook omgebouwd en daar kon je eindelijk eens een wheelie mee trekken. Er werd daar sterk in geoefend en in het begin ging je al eens te ver, waardoor de brommer werd overgetrokken en je op je zitvlak terecht kwam. Later heeft broer Luc Ryckaert dan de mooie trialsport ontdekt. Het nemen van allerlei hindernissen zonder met je voeten aan de grond te komen. Luc werd daar onze meester in met zijn eerste trialmoto, een Greeves, later gevolgd door een Bultaco Sherpa. Freddy De Keyser ( een buur uit de Molenstraat ) kocht er zich ook zo één. Broer Jan had dan een Montesa en dus kon ik niet langer achterblijven. Ik liep toen school in Sint-Niklaas en er waren daar in een motowinkel opendeur dagen Er stond een Yamaha TY 250 te koop. Ik heb niet getwijfeld en hem gekocht. Toen ik er mee thuis kwam moest ik dat toch eens proberen. Met mijn mooie zondagse kleren aan reed ik er mee rond op de Oostmoer. Aangezien de kettingkast niet veel soeps was draaide mijn broekspijp tussen het tandwiel van de motor en de ketting. Een mooie perforatielijn en een uitbrander van vrouwlief was het resultaat.

PICT0090

Met de Union Sachs

Toen Jan verhuisd was naar Evergem moest hij wachten aan de overweg in Sleidinge. Als de bus daar ook tot stilstand kwam vond hij er niet beter op dan de mensen op de bus te vergasten op een trial demonstratie. Hij dook de gracht in, balanceerde wat op de zijkanten van de gracht en kwam tot stilstand juist voor een duiker. Zich draaien in de gracht was niet mogelijk en toen bleek dat hij daar nog een tijdje zoet was om uit deze netelige positie te geraken. Toen de bus vertrok waren er enkele reizigers die hun vinger ronddraaiden aan de zijkant van hun hoofd. Wilden ze zeggen: “ Hoe zot kan je zo zijn?”. Na onze trialperiode was het terug broer Luc die ons besmette met een ander virus: oldtimer motoren. Mooi gerestaureerd en in de originele kleuren staat mijn Yamahaatje er nu nog tussen, netjes naast Vicky, het eerste brommertje van ons vader. Over de oldtimerperiode een volgende keer meer.

© Foto’s Ryckaert, Berkel

#Wakker9950

{wAwA} Wakker!Waarschoot

 

 

Advertenties

2 gedachtes over “Brommerjeugd – deel 4 – Crossen in de bossen

  1. Mooi om te lezen.
    Ik herinner mij nog het crossterrein achter Textilia waar wij als jonge gastjes vol bewondering stonden te kijken naar de kunsten van die mannen.
    Jan De Wilde

    Like

  2. Schitterende vertelling Paul. Ik herbeleef nog onze wilde ‘koersen’ en ik ruik nog de ‘crossgeur’, met ricinusolie in onze benzine. Ik heb nog mijn moeders toenmalig elektrisch mes waar ik blokjes mee in mijn banden sneed. Dank om ons jong te houden met je verhaal !
    Michel Solomé

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s